- 28 februari 2026
Veertigdagentijd 2e zondag
Onderweg naar Pasen stan we stil bij het thema: Wie is Jezus? Hierin volgen we de “Ik ben”-woorden van Jezus. “Ik ben het Licht voor de wereld” (Johannes 8: 12)
Het volk Israël viert het Loofhuttenfeest. In Jeruzalem wordt in de tempel een licht ontstoken en brandend gehouden om het volk terug te laten denken aan hoe God het Licht was in de woestijnreis op weg naar het beloofde land. God – het Licht in de wereld – heeft een woning in Jeruzalem, onder zijn volk.
En nu zegt Jezus: “Ik ben het Licht voor de wereld. Wie mij volgt loopt nooit meer in de duisternis, maar heeft het Licht dat Leven geeft.” Dit valt niet in goede aarde bij de Farizeërs, de HEERE is het Licht niet deze Jezus. Ze maken plannen om Hem om te brengen, om Zijn Licht te doven. Jezus weet dat dit staat te gebeuren en dat de wereld later ook het licht van zijn volgelingen wil blijven doven.
Daarom bidt Hij ook voor zijn volgelingen in de wereld (Johannes 17: 1-8). Zodat Zijn Licht zal blijven worden doorgegeven en blijft schijnen in de wereld, een wereld die het Licht zo hard nodig heeft.
Wie een volgeling van Jezus wil zijn kan deze wereld niet ontlopen, maar wie in Jezus gelooft wandelt niet langer meer in het donker. Jezus, het Licht wijst je de weg naar het beloofde land, waar het Licht Leven is.
Luisterlied: Gij zijt het Licht – Nederland Zingt
https://www.youtube.com/watch?v=-Cu6bXS0q6k&list=RD-Cu6bXS0q6k&start_radio=1
Elke week word het “Ik ben”-woord ook verbeeld in het liturgisch stuk op de preekstoel